WIELERTHEATERS // SPEER VAN RIJSBERGEN

DE SPEER KOMT THUIS!

DE SPEER VAN RIJSBERGEN: ‘IEDEREEN VERDIENT EEN KANS’

RIJSBERGEN – “Ik had rijk kunnen zijn. Maar nu ben ik rijk.” Tijdens de boekpresentatie van ‘De Speer van Rijsbergen’ op dinsdagavond 19 januari vertelt Johan van der Velde in een bomvolle Harmoniezaal in Rijsbergen openhartig over zijn bewogen leven. Een avond vol anekdotes en verhalen. Verhalen over afzien en kameraadschap. Over hard koersen, keuzes en trots.
DOOR MIEKE VAN MEER

De Harmoniezaal is voor de gelegenheid omgetoverd tot wielercafé. Tricots van allerlei ploegen, supporterssjaaltjes, foto’s krantenartikelen en de rode Flandria- en Raleigh-fiets laten er geen misverstand over bestaan. Vanavond hebben we het over wielerhistorie. Rijsbergse wielerhistorie. Het dorp dat maar liefst tien wielerprofs voortbracht. Behalve Johan van der Velde (59) kruipen deze avond ook Jacques Hanegraaf (55) en Cees Haast (77) op hun praatstoel en komen Jos van Aert en Emiel Kerstens aan het woord. Voorafgaand aande presentatie vertelt Johan: “Het is bijzonder om in mijn geboortedorp terug te zijn. Ik heb hier grote momenten beleefd, maar ook diepe dalen gekend. Misschien willen de mensen nu toch weer eens komen kijken hoe het me gaat. Ongetwijfeld ga ik veel oude bekenden zien vanavond.” Lachend: “Ik hoop dat ik ze allemaal herken.”

 Oppermachtig
De verrichtingen van Cees Haast in de Tour van 1965 wakkerden Johans ambitie om wielrenner te worden aan. Haast vertelt smakelijk over zijn onfortuinlijke valpartij op de Col de Vars die het einde van zijn Tour betekende. “Het bloed spoot tegen de ambulance omhoog.” Hij koerste in een andere tijd. “Mijn fiets woog veertien kilo, terwijl de renners nu op een fiets van nog geen zeven kilogram. rijden. We droegen wollen wielerkleding. Als het geregend had, dan sleepte mijn trui de andere dag over de tube.” Zowel Johan van der Velde als Jacques Hanegraaf reden in de jaren ’80 in de legendarische Raleigh-ploeg van Peter Post. Met onder andere Kneteman, Zoetemelk en Raas waren ze oppermachtig. “Daardoor had je wel vaak wedstrijden in de wedstrijd,” vertelt Jacques. Zoals in 1981 bij het NK. “Post zei tegen mij: ‘Open maar’. Maar ik bleef maar een halve minuut vóór. Kneteman liet zelfs andere teams naar me rijden. Johan hield ze tegen.” “We zijn toch geen Amsterdammers,” reageert die nuchter.

Loyaliteit
Van Ierland neemt de zaal mee naar de Tour van 1980. We zien Van der Velde in zijn rood-wit-blauwe shirt naast Zoetemelk in het geel, op weg naar Pra-Loup. Plots schiet Johans hand van de remgreep. Alle aanwezigen kennen de afloop. Toch gaat er opnieuw een schrikreactie door publiek. “Achteraf kunnen we er om lachen,” constateert Johan. “Ik had ook degene kunnen zijn door wie Zoetemelk de eindoverwinning misliep.” Met Joop heeft Johan een goede band. “Een prachtmens. Dat ik Joop op zijn 38ste wereldkampioen zag worden, was fantastisch.” Achter hem verschijnt een foto waarop De Speer, toen in Italiaanse dienst, Joop innig omhelst.” Hanegraaf maakte dat ook mee. Hij was het die Zoetemelk na een valpartij terugbracht naar de kopgroep. Er speelde toen meer, vertelt Jacques. Zo kreeg Johan geld aangeboden door de Italianen om de spurt voor hen aan te trekken. “Het siert Johan dat hij loyaliteit aan zijn landgenoten boven de centen verkoos.” Ook was het Johan die in 1982 een vechtpartij tussen Pevenage en Hanegraaf verhinderde, nadat de jonge Rijsbergenaar de Belg in de indsprint van Parijs-Brussel versloeg.

 Kantelpunt
‘Vier muren’ staat er op de dia. Een verhaal dat eveneens bij de aanwezigen bekend is. Johans wielercarrière kwam eind jaren ’80 slepend tot een einde. “Er was iets geknapt,” zegt Johan daarover. “Ik miste mijn gezin. Mijn jongste zoon zag ik pas toen hij een maand oud was. Trainen stelde ik zo lang uit dat ik pillen nodig had om bij te blijven. Het was het begin van het einde.” De zaal is muisstil. Hanegraaf vraagt zijn oude ploegmaat of hij die verslaving niet aan zag komen. “Op die momenten denk je dat je helder nadenkt. Achteraf blijkt pas dat dàt zeker niet het geval is.” In de gevangenis – ‘dat wil niemand meemaken’- kwam de ommekeer. “Toen realiseerde ik me waar ik mee bezig was. Ik heb besloten de knop om te draaien. Mede dankzij mijn vrouw Josée, die me ook in de slechte tijd steunde, is dat tot op de dag van vandaag gelukt.” Met een luid applaus dankt het publiek Johan voor zijn openheid. “Ik ben gezond, met mijn kinderen en kleinkinderen gaat het goed en ik heb een mooie baan in het wielerwereldje. Ik ben rijk. Ik ben trots dat jullie hierheen zijn gekomen.” Waarop Hanegraaf, nog net voor het eindapplaus losbarst, aanvult: “Rijsbergen is trots op jou, Johan.”

Bron: De Zundertse Bode 27-01-2016